Bang voor je eigen ziel

Wat ik met enige regelmaat tegenkom is dat mensen bang zijn om al te diep in zichzelf te kijken. Meestal gaat het om angst voor wat zich mogelijk gaat openbaren.

Ik begrijp die angst wel. In de eerste plaats omdat ik dat pad zelf ook ben gegaan. Ook ik heb momenten in mijn leven gehad dat de pijn of het ongeluk van dat moment aantrekkelijker leken dan een confrontatie met mijn eigen levenspatronen. Ik prijs me gelukkig dat ik het uiteindelijk wel durfde en heb mogen ervaren dat deze angst nog veel minder ongegrond was dan ik ooit had durven vermoeden. Een tandenloze tijger.

Ik vergelijk het soms met een lichaamsmassage. Wanneer je daarbij aangeraakt wordt op plekken die normaal onbetast blijven (rond de oksels, tussen of onder je ribben, onder je voeten) dan brengt dat een enorme sensatie teweeg, variërend van kietelen tot kramp of pijn. Maar als die aanraking er eenmaal is geweest, worden de handen van de masseur ineens meer dan welkom.

Zo ook met onze gedachten en emoties. Als je de eerste keer goed kijkt naar een patroon in je leven, dat eigenlijk ondermijnend voor je is, en je realiseert je dat je dat zelf hebt gedaan, word je natuurlijk overmand door verdriet of boosheid. Waarom doe je dit al jaren? Hoe triest ben je als je je eigen pijn creëert? En meer van dat soort gedachten. De meeste mensen moeten hierdoor huilen. Op zich vaak al een onwennige ervaring.

De waarheid is dat dat huilen ontzettend goed voor je is. Het is een ontgifting van de ziel. En het lijkt op die pijn of kietel bij de massage. Eenmaal daar doorheen, kun je je overgeven en in rust dat gevreesde patroon bekijken.

Misschien is die angst voor eigen patronen wel een angst om te huilen. Een angst om verdriet te hebben over wat je met je leven hebt gedaan. Je realiseert je nog niet dat dat verdriet maar even duurt en dat het juist heel fijn is om het verdriet geuit te hebben. Natuurlijk is het een pijnlijke ervaring, maar die pijn gaat je helpen om in actie te komen en te gaan veranderen.